PSO Nederland & Social Youth Awards: “Ga sociaal ondernemen én dat uitdragen!”

Yuri Starrenburg (PSO Nederland)

Yuri Starrenburg van PSO Nederland ontwikkelde samen met TNO de Prestatieladder Sociaal Ondernemen (PSO). Organisaties maken met een PSO-certificaat zichtbaar in welke mate ze op een kwalitatief goede wijze werkgelegenheid bieden aan personen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Tijdens het BuzinezzForum*17 reikt hij de PSO Youth Awards uit.

Wanneer maak je aanspraak op een award?
Samen met TNO en de markt hebben we de Prestatieladder Socialer Ondernemen (PSO) ontwikkeld. Met een PSO kunnen organisaties laten zien in welke mate zij ‘inclusief ondernemen’. De Buzinezzclub wil extra aandacht geven aan jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt – dat is een deel van onze doelgroep. Toen kwam de vraag op: kunnen we daar niet wat voor organiseren. Zo ontstonden de PSO Social Youth Awards. PSO-gecertificeerde organisaties kunnen zich aanmelden als ze ook specifiek extra kansen bieden aan jongeren. En er is een award voor een organisatie die door Buzinezzclubmembers wordt aangedragen. Wij willen met de awards een schijnwerper zetten op het activeren van jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Hoe is het werken met deze jongeren nu georganiseerd?
Het vinden van personeel is een steeds grotere uitdaging en jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt komen dan ook prominenter in beeld. Natuurlijk moet een organisatie misschien meer investeren in deze jongeren aan de voorkant, maar de beloning is er zeker. Daarnaast zijn er steeds meer gemeenten die bij aanbestedingen ‘social return’ uitvragen. Bedrijven die PSO-gecertificeerd zijn, geven (volledig of voor een deel) invulling aan die social return doelstelling. Daarmee wordt de investering van de werkgever in de jongeren beloond. Samenwerking is hierin de sleutel. Samenwerking met (gemeentelijke)overheden, scholen en andere sociale (keten)organisaties. Er zijn zelfs gemeenten die een voucher aanbieden voor organisaties die aantoonbaar socialer ondernemen en dit aantonen met een geldig PSO-certificaat. Zo creëren we een vliegwiel, zodat leveranciers en opdrachtnemers van de PSO-organisaties zich ook gestimuleerd voelen om inclusief te ondernemen.

Belangrijk is dat er wel een beloning of erkenning tegenover staat. Nu worden in te veel gevallen bedrijven onvoldoende gewaardeerd of erkend voor hun inspanningen, want het is niet zo vanzelfsprekend als het klinkt. Je moet actief gaan zoeken naar kandidaten die passen binnen het profiel dat jij voor ogen hebt. En om een aspirant-PSO-status te krijgen, moet je in elk geval een goed plan van aanpak hebben dat op directie- of op bestuurlijk niveau is geaccordeerd. Ook een gemeente die zichzelf als werkgever wil laten certificeren, zal intern keuzes moeten maken. Je moet bedenken wat je wilt, en wat je daarvoor moet organiseren en intern borgen.

Noem eens een concreet voorbeeld van een bedrijf dat de PSO wilde doen – hoe ging dat?
Het schoonmaakbedrijf Asito maakt stappen om inclusiever te worden. Al een groot deel van hun entiteiten is PSO-gecertificeerd. Zij hebben gezegd: ‘We willen alleen maar op de hoogste PSO-niveaus functioneren.’ De prikkel die daar vanuit gaat, reikt verder dan het idealisme van de ondernemer. Want hij wordt ook voor zijn initiatief beloond.

De ondernemer komt aan tafel bij steeds meer grotere of middelgrote organisaties die ook een vorm van social return in combinatie met de PSO opnemen als ze een opdracht op de markt brengen. Die social return telt vervolgens mee voor hun eigen PSO trede, en zij weten ook weer dat ze zelf punten scoren als ze op een bewuste manier sociaal inkopen. De prikkel om socialer te ondernemen gaat op deze wijze ook naar toeleveranciers en afnemers. Men realiseert zich: ‘We willen samen de wereld beter maken, en hebben gezamenlijke verantwoordelijkheid.’

Die olievlek begint te werken in sommige regio’s (in het oosten van het land en in Brabant). Ook veel gemeenten doen iets met PSO in het aanbestedingsbeleid, waaronder Amsterdam. Ik vind dat enorm vooruitstrevend. Steeds meer gemeenten gaan hiermee aan de slag, zij durven over hun eigen grenzen heen te kijken. De effecten blijven gericht op de regio.

We hebben toch de regeling met garantiebanen? Levert die voldoende op?
Ja, die afspraak is er op macroniveau, maar als je bedrijven spreekt hebben ze er wel van gehoord, maar weten niet van de hoed en de rand. Op bedrijfsniveau is nog niet alles eenduidig voor bedrijven en de samenleving. In het bedrijfsleven is er redelijk wat onduidelijkheid op het gebied van de Wet Banenafspraak, Participatiewet, quotum en de onderlinge samenhang hieromtrent. Daarnaast komt dan nog de verbinding met Social Return verplichtingen en de PSO.

Ondertussen groeit die olievlek van PSO. Denk aan bedrijven die lokale opdrachten willen aannemen of organisaties die bezig zijn omdat ze er vanuit hun Ondernemingsraad of aandeelhouders op zijn gewezen. En het pensioenfonds PWRI heeft vorig jaar flink geïnvesteerd in organisaties die iets doen op sociale vlak. Het fonds heeft de PSO gebruikt bij de ‘ranking’. Hoe hoger op de tree, hoe meer investering.

Hoe scoort Nederland vergeleken met buurlanden?
Sommige mensen vinden Nederland de hekkensluiter in Europa. Je kan echter niet landen één op één met elkaar vergelijken. Ik zie dat we hier een maatschappelijk vraagstuk op ondernemende wijze oplossen: er zijn ICTbedrijven die alleen met mensen met autisme hun programma’s testen. Er zijn callcenters die bij voorkeur met blinde mensen werken. Daarnaast zie ik een groeiende groep met reguliere organisaties die de people component zo belangrijk vinden, dat ze socialer gaan ondernemen.

Het wordt hier dus een onderwerp waar bedrijven over nadenken. Jaren lang hebben we mensen weggezet, met een ‘afstand tot de arbeidsmarkt’. Het besef komt terug dat het goed is om iedereen een kans te bieden. Ik vind het belangrijkste dat alle bedrijven een stapje doen, en dat ook uitdragen: massa is kassa. Als iedereen een beetje doet, kom je een heel eind!

Welke vraag hoop je beantwoord te krijgen op het Buzinezz Forum?
Ik hoop ook investeerders te inspireren – dat er meer besluiten om met PSO te bepalen of ze een impactinvestering in een bedrijf willen doen. Waarom zou je PSO niet opnemen als drempelvoorwaarde? Zo kunnen ook zij bijdragen aan de openheid rondom inclusief ondernemen.