Praat met de jongeren, ondersteun werkgevers!

Mirjam Sterk

Ga meer het gesprek aan mét jongeren, naast de noodzakelijke gesprekken óver jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt. Dat bepleit Mirjam Sterk, die als dagvoorzitter een belangrijke bijdrage leverde aan het Buzinezzforum*2017. Sterk was ambassadeur Jeugdwerkloosheid voor het Kabinet en werkt nu als directeur van MEE NL veel met doelgroepen die moeite hebben een plek op de arbeidsmarkt te vinden.

“In de Geestelijke Gezondheidszorg spelen ervaringsdeskundigen een steeds belangrijker rol: bij beleidvorming en het praktische werk. Dan gaat er bijvoorbeeld een autistisch iemand mee naar een gesprek met een cliënt die net gehoord heeft dat hij of zij autisme heeft. In Noorwegen heeft men ervaringsdeskundigen met dementie betrokken bij de ontwikkeling van het dementieplan.. ‘Waar liep je tegen aan, hoe kon de ondersteuning beter.’ Dat bespraken ze met de personen zelf. Zij konden heel nuttige informatie geven.”

Tijdens het BuzinezzForum*2017 kwamen ook veel ‘members’ aan het woord, de jongeren die met hulp van de Buzinezzclub hun kansen vergroten. Overtuigender kan niet: hun enthousiasme en ervaring is enorm waardevol. Je zou ze ook moeten meenemen in gesprekken met beleidsmakers of begeleiding.

In mijn denktank op het BuzinezzForum zat member Martin Miles. Die was heel betrokken bij het gesprek en sprak ook de ‘bobo’s’ direct aan: ‘hallo, die mensen? Ik ben hier. Je hebt het over mij.’  En vertelde vervolgens wat hij er van vond. Zo voorkwam hij wat je soms bij congressen ziet gebeuren: dat beleidsmakers over de hoofden heen gingen praten.”

Sommige beleidsmakers zullen zich afvragen: hoe veel kun je aan deze mensen toevertrouwen?
“Allicht gaan ze geen begrotingen goedkeuren of lange termijn ontwikkelingen uitzetten. Maar hun ervaringen zijn onmisbaar. Je moet hun ervaringsdeskundigheid inzetten. Je kunt ze vragen: ‘wat is er nou voor jullie nodig – en waar had je nou het meest aan. Wat vind je van deze opzet?’ Dat vraagt van beleidsmakers een andere manier van denken.”

Waarom doen we dit eigenlijk niet al lang?
“Blijkbaar hebben we vooroordelen, of stigma’s, over deze jongeren. Zien we ze als ‘jongeren die het niet kunnen, en die het ook wel niet zullen willen.’ Onze manier van kijken veronderstelt dat ze moedwillig niksen, terwijl ze in de praktijk juist wél willen. Een member weet best wel wat hij nodig heeft. Het begint bij hen serieus te nemen. Het is goed om te proberen wat werkt en wat niet.” Dit kenmerkt de aanpak van de Buzinezzclub. Wát ze ook organiseren, er zitten altijd members bij, die kunnen inspirerend vertellen over hun succes, hun droom, en hun eigen zoektocht.”

Zijn we met dit forum dichter bij oplossingen gekomen?
“Het mooie hier was de verbinding van het bedrijfsleven met de opdracht. Zóveel ondernemers in de zaal die ook lieten zien dat het kán, dat was geweldig.”

Wat is er volgens jou nodig om jongeren nog beter te kunnen helpen?
“Jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt zijn een kwetsbare groep. Dat zijn ouderen ook. En er zijn veel meer kwetsbare groepen. Die veelheid van groepen drijft werkgevers tot wanhoop. Voor MKB’ers –  70% van de bedrijven – zijn dit heel ingewikkelde vraagstukken. Ze moeten voor elke doelgroep iets. Terwijl ze gewoon een bedrijf willen runnen!  Tegelijkertijd is juist in het MKB veel winst te halen. Mensen kennen elkaar, zijn gepassioneerd ondernemer.

Het kan simpeler als er een platform zou zijn waar al die kennis beschikbaar is. Zodat vanuit werkgevers een gesprek tot stand kan  komen: wat heb jij – als werkzoekende en als werkgever- te bieden. Vervolgens kan de wetgeving hier op worden gestroomlijnd, bijvoorbeeld door verbreding van de No-risk polis, die ondernemers helpt als ze kwetsbare groepen aan werk helpen.”

Op het Buzinezz Forum was Ton Wilthagen bezorgd. Over de kloof tussen de werkenden en degenen die het tempo van de arbeidsmarkt niet kunnen bijbenen. Deel je die zorg?
“Op macroniveau zijn er absoluut problemen. Als je kleiner kijkt: meso-micro niveau, zie je dat er steeds meer sociaal ondernemerschap ontstaat. Onlangs maakte de Rabobank bekend dat ze bij het sponsoren van sportverenigingen niet meer primair denken in termen van sponsoring door het plaatsen van borden langs de zijlijn, maar het gesprek aangaan over waar de vereniging behoefte aan heeft. Aan expertise of netwerken bijvoorbeeld. Je ziet dat bedrijven dus anders gaan denken: ze willen een bijdrage leveren aan de maatschappij. Als dat ook betekent: kansen bieden aan kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt, vind ik dat heel mooi. En dan is er dus méér dan alleen die somberheid. En die positieve spirit ervaar ik ook bij de Prestatieladder Socialer Ondernemen en bij de Buzinezzclub.”